Publicaties en media

nieuws

De Economic Crime and Corporate Transparency Act (ECCTA) is in werking getreden

 

Een nieuwe wet

Op 1 september 2025 is in het Verenigd Koninkrijk nieuwe fraudewetgeving in werking getreden:  het Failure to Prevent Fraud offence (FtPF-bepaling). Dit delict maakt deel uit van de Economic Crime and Corporate Transparency Act 2023 (ECCTA).

Wat is het?

De wet introduceert een corporate criminal offence waarbij een organisatie aansprakelijk is als een “associated person” fraude pleegt  waar de organisatie profijt van heeft én de organisatie geen redelijke fraudepreventieprocedures had.[1] Het begrip “associated person” is breed: het kan gaan om een werknemer, agent of dochteronderneming, maar in feite om iedereen die namens de onderneming optreedt.

De FtPF-bepaling maakt grote organisaties direct verantwoordelijk voor het voorkomen van fraude. Een onderneming die niet kan aantonen dat zij over degelijk fraudepreventiebeleid beschikt[2], loopt risico zodra zich een onregelmatigheid voordoet –óók als zij van de eigenlijke fraude niet op de hoogte is. Voor een veroordeling hoeft niet te worden aangetoond dat het management van de organisatie opdracht heeft gegeven tot de fraude of er zelfs maar van wist.

De FtPF-bepaling is van toepassing op een breed scala aan strafbare feiten uit bestaande Britse wetgeving. Deze specified fraud offences zijn opgenomen in een bijlage bij de ECCTA. Het gaat o.a. om boekhoudfraude, beleggingsfraude, het gebruiken van valse verklaringen om leningen of kredieten te verkrijgen, oneerlijke verkooppraktijken, het verbergen van belangrijke informatie voor consumenten of beleggers, of oneerlijke praktijken op financiële markten.[3]

De FtPF-bepaling is uitsluitend van toepassing op relatief grote organisaties. Minimaal twee van de volgende drie criteria moeten van toepassing zijn:

    • meer dan 250 werknemers,
    • omzet boven £36 miljoen,
    • activa boven £18 miljoen

 

Wat betekent dit voor Nederlandse bedrijven?

De wet kan ook van toepassing zijn op buitenlandse bedrijven, waaronder Nederlandse. Er moet dan een connectie zijn tussen de fraude en het Verenigd Koninkrijk, een UK nexus. Dat is zo indien een element van het frauduleuze gedrag in het Verenigd Koninkrijk plaatsvindt of wanneer het beoogde voordeel of verlies in het Verenigd Koninkrijk is opgetreden. Als een niet in het Verenigd Koninkrijk gevestigde werknemer zich dus op Britse klanten richt, of als een deel van een frauduleuze constructie wordt uitgevoerd vanuit een Britse vestiging of dochteronderneming, kan de nieuwe wet van toepassing zijn.

De nieuwe Britse wetgeving kan dus implicaties hebben voor Nederlandse bedrijven die voldoen aan de groottecriteria en te maken krijgen met fraude die een link heeft met het Verenigd Koninkrijk.

Risico?

De komende tijd zal moeten blijken hoe actief de Britse overheid de nieuwe wet gaat handhaven, en of de focus (ook) zal liggen op buitenlandse bedrijven.

[1] https://www.gov.uk/government/publications/economic-crime-and-corporate-transparency-act-2023-factsheets/economic-crime-and-corporate-transparency-act-failure-to-prevent-fraud-offence

[2] De Britse overheid heeft richtlijnengepubliceerd waaraan de preventiemaatregelen zouden moeten voldoen: https://www.gov.uk/government/publications/offence-of-failure-to-prevent-fraud-introduced-by-eccta/economic-crime-and-corporate-transparency-act-2023-guidance-to-organisations-on-the-offence-of-failure-to-prevent-fraud-accessible-version

[3] https://www.gov.uk/government/publications/offence-of-failure-to-prevent-fraud-introduced-by-eccta/economic-crime-and-corporate-transparency-act-2023-guidance-to-organisations-on-the-offence-of-failure-to-prevent-fraud-accessible-version#chapter-2overview-of-the-offence

 

 

Amsterdam – Ivy Advocaten. Daniëlle Goudriaan, Partner